In dit schilderij verbeeld ik het spreekwoord “Als twee honden vechten om een been, gaat er de derde mee heen” als een theatrale scène vol symboliek en ironie.
Op de voorgrond staan twee strijdende honden — een husky en een rottweiler — gehuld in rijk versierde harnassen. Ze lijken ridders in een middeleeuws duel, fel gefocust op elkaar, hun blik strak en hun houding gespannen. Hun rode bokshandschoenen versterken het idee van competitie, strijd en ego. Voor mij symboliseren zij mensen die zich verliezen in conflict, gedreven door trots, macht of gelijk willen hebben.
Terwijl zij elkaar bevechten, speelt zich achter hen iets anders af. Links zien we een nar en een elegante, koninklijke dame. De nar lacht uitbundig — bijna spottend — terwijl hij subtiel de dame begeleidt. Zij draagt een kroon en straalt rust en zelfverzekerdheid uit. Samen bewegen zij zich weg van de strijd. Zij zijn de “derde” die profiteert.
Het kasteel op de achtergrond staat symbool voor macht, bezit en ambitie — datgene waar vaak om gestreden wordt. Maar ironisch genoeg zijn het niet de strijders die de macht lijken te verkrijgen. Terwijl de twee honden zich blindstaren op hun gevecht, glipt de echte winst geruisloos uit hun handen.
Met dit werk wil ik laten zien hoe conflicten vaak energie en focus opslokken, terwijl kansen elders worden benut. De theatrale, bijna sprookjesachtige setting versterkt de universele boodschap: strijd maakt blind. Wie te veel bezig is met winnen van de ander, verliest soms wat werkelijk telt.
Humor en ernst lopen hier samen. Het werk nodigt uit tot glimlachen, maar ook tot reflectie. Want uiteindelijk gaat dit schilderij niet over honden — het gaat over menselijk gedrag, over ego, macht en het stille voordeel van wie buiten de strijd blijft.


















































